Het skigebied van Sölden is met de Rettenbachgletsjer en de Tiefenbachgletsjer het duurtste gebied in Tirol om een dagje te skiên. Foto's: © Sólden Tourisme
Hoe hoog zijn de prijzen? Wie kan zich skiën nog veroorloven? Deze vragen duiken elk najaar steevast op. Skitoerismeonderzoeker Günther Aigner uit Kitzbühel heeft de trend geanalyseerd. Sölden is de duurrste plaats in Tirol om een dagje te gaan skiën.
Hij zegt in de Oostenrijkse krant Kronen Zeitung: "De stijging ten opzichte van afgelopen winter bedraagt 4,2 procent. De consumentenprijsindex (CPI) steeg slechts met 3,2 procent." Tien jaar geleden was de prijsstijging in Oostenrijk 62,2 procent, terwijl de consumentenprijsindex (CPI) slechts met 41,4 procent toenam. "De prijzen van skipassen zijn in tien jaar tijd dus precies 50 procent sneller gestegen dan de CPI", aldus Aigner.
Dit jaar is het duurste dagticket in Tirol te vinden in Sölden (€86,50). Dat is een stevige prijs, maar nog niets vergeleken met andere landen. In Zwitserland kost een ticket voor een dagje skiën op de Matterhorn €125 en in de Verenigde Staten betaal je in resorts als Vail, Beaver Creek en Park City meer dan 300 dollar voor een dagpas.
Je zou denken dat de prijsstijgingen zouden leiden tot een leegloop van de Oostenrijkse skipistes. Dat is echter niet het geval, zoals de winters sinds 2000/01 hebben aangetoond. "De afgelopen 26 jaar hebben we een lichte verdere stijging gezien van het aantal skidagen", zegt Aigner, verwijzend naar het stabiele cijfer van ongeveer 50 miljoen. Bron: Kronen Zeitung